Fysieke omgeving

Let op: opent in een nieuw venster AfdrukkenE-mail

Het binnenmilieu in Twente kan beter

Mensen brengen een groot deel van de tijd binnenshuis door waar schadelijke stoffen, schimmel, vocht en blootstelling aan rook een negatief effect op de gezondheid kunnen hebben. De negatieve effecten worden versterkt wanneer men de woning slecht ventileert. In Twente wordt in één op de vijf woningen voldoende gelucht. Bij natuurlijke ventilatie wordt slechts 3% van de woningen goed geventileerd. Dit percentage schiet omhoog naar 56% wanneer een continue mechanisch ventilatiesysteem in de woning aanwezig is. Uit onderzoeken op verschillende GGD-en blijkt dat er ook bij scholen en kinderdagverblijven onvoldoende wordt geventileerd. Slechte ventilatie heeft een negatief effect op de leerprestaties van kinderen.

 

In het buitenmilieu veroorzaakt met name wegverkeer hinder

In het buitenmilieu kunnen geluids- en geurhinder tot verhoogde stressreacties leiden. Landelijk zijn wegverkeer (29%) en burenoverlast (11%) de belangrijkste bronnen van geluidshinder. In Twente lijken deze cijfers wat lager te liggen. Geluidshinder komt vaker voor in de stedelijke gebieden. De belangrijkste oorzaken van geurhinder in Twente zijn wegverkeer, landbouw, industrie en buren. In het buitenmilieu veroorzaakt met name wegverkeer hinder.In het buitenmilieu kunnen geluids- en geurhinder tot verhoogde stressreacties leiden. Landelijk zijn wegverkeer (29%) en burenoverlast (11%) de belangrijkste bronnen van geluidshinder. In Twente lijken deze cijfers wat lager te liggen. Geluidshinder komt vaker voor in de stedelijke gebieden.

De belangrijkste oorzaken van geurhinder in Twente zijn wegverkeer, landbouw, industrie en buren.  

 

Veel Twentenaren tevreden over woning en woonomgeving

Veruit de meeste Twentenaren zijn tevreden over hun woning en de omgeving waarin zij leven. Zij geven gemiddeld een 8,1 voor hun woning en een 7,9 voor de woonomgeving. In Twente zijn kopers meer tevreden over hun woning dan huurders. Op dit moment heeft 76% van de volwassenen in Twente een eigen woning. In de oudere leeftijdscategorieën neemt het huizenbezit weer af. Ouderen geven aan zeer tevreden te zijn over de buurt waarin zij leven (94%). Het liefst willen zij daar zelfstandig blijven wonen. In 2005 woonde tweederde van de ouderen in een huis zonder aanpassingen. Naarmate men ouder wordt, zijn aanpassingen in douche en toilet het meest gewenst.  

 

Jongeren voelen zich onveiliger dan volwassenen en ouderen.

Het blijkt dat in Nederland 19% van de mensen zich wel eens of vaak onveilig voelt in zijn of haar eigen buurt. In Twente ligt dit percentage op 14%. Als het gaat om de plekken waar men zich onveilig voelt, is er weinig verschil; hangplekken van jongeren, treinstations, uitgaansgelegenheden, het centrum en het openbaar vervoer worden als onveilig ervaren. Opvallend is dat jongeren zich minder veilig voelen dan volwassenen. Meer dan een derde van de jongeren komt liever niet ’s avonds of ’s nachts op bepaalde plekken in de buurt.(Olthof-Pal, 2007) Meisjes hebben dat sterker dan jongens. Dat geldt ook voor volwassen vrouwen waarvan een derde aangeeft in het donker bepaalde plekken te vermijden. Ouderen voelen zich ’s avonds veiliger dan volwassenen. Wellicht hangt dit samen met het uitgaansgedrag; ouderen komen minder buiten de deur waardoor zij zich veilig voelen.  

 

Bekendheid en bereikbaarheid van voorzieningen speciaal voor ouderen kunnen beter.

Voor ouderen geldt dat zij goed op de hoogte zijn van basisvoorzieningen als een huisarts of apotheek maar dat zij niet altijd bekend zijn met voorzieningen die speciaal voor hen zijn opgezet, zoals het eettafel, activiteiten- of dienstencentrum of het zorgloket. Bijna één op de vijf ouderen weet niet wat of waar het zorgloket is. Tevens vindt 40% van de ouderen de afstand tot het zorgloket te ver. Ouderen in de hogere leeftijdscategorie en vrouwen zijn het beste op de hoogte van voorzieningen in de eigen gemeente. Vrouwen oordelen minder gunstig over de bereikbaarheid van voorzieningen dan mannen. Bijna één op de zeven ouderen geeft aan soms een vervoersprobleem te hebben waardoor men ergens niet kan komen.